Pretoria

Vorig jaar waren we voor het eerst in Zuid Afrika, met collega’s naar een conferentie in de buurt van Durban. Toen gingen we twee lange dagen met de auto, zo’n 1600 kilometer, dwars door Zimbabwe. Toen we uit Zimbabwe kwamen, de grens over met Zuid Afrika, leek het land meteen heel anders. Alles was zo opgeruimd en afgebakend: de hekken, de stoepen, de wegen, de wegwijzers. ‘Dit lijkt wel Europa!’ dachten we.

Sinds vorige week ben ik voor de tweede keer in Zuid Afrika. Het voelt nu helemaal niet zo als Europa, maar waarom niet, dat weet ik niet zo goed. Er zijn hier nog steeds stoepen en straatnaambordjes en hekken, maar de hekken zijn hier zo hoog, met magnetische toegangspoortjes en dubbele sloten op de deur. En desondanks is afgelopen week overdag bij mijn buurman ingebroken… nou ja, er is nu nog een derde slot op de deur en een kluisje in mijn appartement geïnstalleerd.

Deze keer ben ik met het vliegtuig naar Pretoria gekomen om hier te beginnen met het postdoc-schap aan de Universiteit van Pretoria: wetenschappelijke artikelen schrijven wat ik naast het werk op Justo Mwale ga doen. Het is fantastisch hier weer allemaal extra collega’s te hebben die ook met theologie en Afrika bezig zijn, te praten over of ethiek geven hier anders is, over ubuntu – het belang van gemeenschap hier -, en theologie als wetenschap.

Ze doen hier niet aan load-shedding, dat is de stroom om de dag een paar uur uitzetten, en er komt altijd water uit de kraan. Het is fijn om een uitgebreide bibliotheek te hebben, snel internet en toegang tot elektronische tijdschriften over theologie en filosofie.

In de shopping-malls zijn precies dezelfde winkels als in Lusaka – al is het eigenlijk natuurlijk omgekeerd: de Zuid-Afrikaanse ketens zijn nu ook in Zambia. Ik heb niet echt de boekwinkels gevonden waarop ik gehoopt had, geen Selexyz of De Slegte, en helemaal geen Blackwell’s, Oxford.

De daklozen op straat hebben een soort ‘caravans’: steekwagentjes met een matras erop en wat plastic zakken. En overal staan nu in oktober de Jacaranda’s in bloei: grote bomen die hier in Pretoria langs alle straten staan helemaal vol met paarse bloemen. Vooral waar je een stukje verder over een glooiing in de stad uit kunt kijken, is dat heel bijzonder en mooi al dat paars overal.

Op straat is de bevolking ongeveer half zwart, half blank – je valt hier helemaal niet op met je blanke huidskleur. Veel mensen spreken een soort van Nederlands. Ik werd zondag in de kerk verwelkomd als een “kuiergast”. En anderen spreken weer vooral Engels, er wordt voortdurend tussen Engels en Afrikaans geswitcht. Op het radiostation van de universiteit wordt er zelfs vaak binnen één zin geswitcht.

Dit zijn zo wat losse eerste indrukken na een weekje Pretoria. Volgend jaar hopen we hier vaker en langer te zijn, dan horen jullie meer.

Advertenties

Cultuurverschillen

We zijn nu bijna een half jaar in Zambia, en voordat we (bijna) alles hier normaal gaan vinden, wil ik graag nog een aantal verschillen noteren die ons opvallen.

“Hij breekt het protocol!” fluistert mijn buurman in de kerk verontwaardigd. We zijn bij een kerkdienst waarin een collega van ons aan een gemeente verbonden wordt. Er zijn allerlei hoogwaardigheidsbekleders van de kerk en na de dienst worden die voorgesteld aan de gemeente. De dominee begint een aantal mensen van de synode te introduceren, maar dat mag kennelijk niet: de voorzitter van de synode moet de andere bestuursleden van de synode voorstellen. Protocollen zijn hier erg belangrijk.

De vele toespraken na de dienst beginnen ook allemaal met het aanspreken van de hele rij hoogwaardigheidsbekleders die er zijn, wat dan wordt afgesloten met de uitspraak “Aan alle protocollen voldaan.” Ik weet nog niet of dat nu betekent dat de spreker zich verexcuseert – ‘sorry, ik moest die hele rij namen wel weer noemen,’ of dat het betekent ‘als ik iemand vergeten ben, beschouw dit alstublieft alsof ik het protocol heb gevolgd,’ of dat “aan alle protocollen voldaan” zelf gewoon deel is van het protocol zonder verdere betekenis.

Protocollen – en ook bureaucratie: de eindeloze formulieren en handtekeningen van allerlei verschillende ambtenaren die we hier steeds nodig hebben, ik heb altijd gedacht dat het iets Westers zou zijn. De behoefte om het onderlinge menselijke verkeer in regeltjes vast te leggen, associeerde ik meer met het individualistische Westen dan met Afrika, waar in veel opzichten onderlinge relaties veel belangrijker zijn: je neemt altijd de tijd om iemand te vragen hoe het met hem gaat, met zijn huis, met zijn vrouw, met zijn kinderen enzovoort. Maar toch kom ik hier protocollen en bureaucratie veel meer tegen dan in Nederland.

Een ander verschil zit hem in de grappen die gemaakt worden met betrekking tot geloof. Aan de ene kant heb ik het gevoel dat hier nog veel meer dan in Nederland van een dominee verwacht wordt dat hij grappen maakt. Maar aan de andere kant worden sommige zaken hier heel serieus genomen die ik in Nederland alleen als grap zou kunnen zeggen. Iemand vertelde over een familielid dat in het buitenland was overleden. “Maar gelukkig heeft God erg geholpen met het vervoer,” vertelde hij. De overledene was binnen twee dagen in zijn vaderland om daar begraven te kunnen worden. En in bij de diploma-uitreiking in de gevangenis waar we bij waren, zei de organisator: “God heeft ervoor gezorgd dat de uitreiking steeds is uitgesteld, want daardoor kunnen onze gasten er nu bij zijn” – zonder een spoor van ironie. Dat God zorgt voor het uitstel van de ceremonie of dat God helpt met het vervoer, dat zou ik alleen kunnen zeggen met een knipoog, als een soort grap, maar hier zie ik niks van die knipoog.

Een derde verschil is wanneer je ‘sorry’ zegt. Ik zou alleen ‘sorry’ zeggen als iemand iets overkomt waar ik mij op de een of andere manier schuldig over voel. Hier zegt iedereen uitgebreid ‘sorry’ als je iets vervelends overkomt, ook al hebben zij zelf daar part noch deel aan. Een meisje van de campus viel op straat en haar broertje trok haar overeind en nam haar mee de poort door. Het meisje huilde en de portier – die het incident zelf niet gezien had – begon ‘sorry, sorry, sorry’ tegen het meisje te zeggen. Het meisje bleef huilen, dus het ging een hele poos door. Maar waar zei de portier nou sorry voor?

Dit zijn drie cultuurverschillen die ons hier opvallen. We blijven ons verbazen en puzzelen over wat de verschillen zeggen – over hier en over onszelf…

Alles anders, alles hetzelfde

Toen Columbus met zijn galjoenen Amerika naderde, gebeurde er iets raars – althans, zo gaat het verhaal. De Indianen konden de schepen van de Spanjaarden niet zien. Ze zagen de bemanningsleden pas toen ze op het strand liepen. De grote zeilschepen en kleinere sloepen waren voor de Indianen onzichtbaar, omdat ze het concept ‘schip’ niet kenden.

Het is waarschijnlijk een indianenverhaal, maar toch geloof ik er wel iets van. Als ik op ons terras zit, zie ik boven de muur om onze tuin de toppen van verder weg gelegen bomen. Ik herken de typische vorm van een eik, een kastanje, een wilg… Maar dat zijn het niet! De bomen die ik buiten zie, zijn  Afrikaanse bomen van soorten die ik niet ken. Eiken, kastanjes en wilgen zijn de bomen waarmee ik ben opgegroeid; en als ik er niet bij stilsta worden mijn waarnemingen gewoon in die oude categorieën geplaatst.

Het blauwe vogeltje“Alles is anders”, was de gedachte die mij in de eerste weken hier overweldigde. “Zie je dat! Een blauw vogeltje! Heb je dat wel eens gezien? Het is echt een heel blauw vogeltje!” Op ons terras klonk het als een dierentuin en ’s nachts was het moeilijk om in slaap te vallen bij het luidruchtige concert van de krekels en cicaden. En ja, de mensen hebben een andere kleur, dat ook.

Het vreemde is, dat het gevoel dat alles anders is slijt. De blauwe vogeltjes blijken zo talrijk als mussen, en niet veel interessanter. Het geluid van de krekels trekt pas de aandacht als ze ineens allemaal stil zijn. We kijken niet meer op van straatverkopers die bij de stoplichten beltegoed, zonnebrillen, Monopoly, een eend of een plastic gitaar verkopen (oké, van de eend keken we nog wel een beetje op, eerlijk gezegd). Wat vreemd was, wordt zo gewoon dat je het niet meer ziet.

De laatste tijd heb ik eerder het omgekeerde gevoel: alles is hetzelfde in plaats van anders. Bij een snackbar zag ik een meisje: het was precies mijn schoonzusje. De manier waarop ze haar hoofd hield en vroeg “Wat?” – huidskleur was ineens niet meer relevant. Hier te lopen, met de zon op mijn huid, het glooiende landschap, de geur van gras en hooi, het zandpad naar ons huis; ik weet ineens weer hoe het voelde, vroeger toen ik in die eindeloze zomers van het zwembad naar ons huis op het Heidegut fietste.

Eindelijk weer wonen aan een zandpad!

‘Alles is hetzelfde’ – misschien is dat gevoel wel weer een nieuwe manier om wat ik zie en meemaak in bekende, vertrouwde categorieën te plaatsen. Maakt niet uit. Het helpt in ieder geval om me hier thuis te voelen!

De man met de waterpas

Het is druk op straat, hier in Lusaka – dat was één van de eerste dingen die ons opvielen toen we hier aankwamen. Nu we hier ruim twee maanden zijn vallen de vele voetgangers langs de weg ons al haast niet meer op als iets bijzonders. Langzamerhand herkennen we patronen in de chaos van weggebruikers. Daarom vandaag een fotoblog over wie we allemaal op straat tegenkomen.

’s Ochtends om een uur of zeven zijn er veel mensen op weg naar hun werk. Ze zijn te herkennen aan de gereedschappen van hun beroep: de boer op weg naar het veld heeft een hak bij zich, de bouwvakker bouwmaterialen en af en toe zie je ook iemand met een laptop.

Anderen hebben iets bij zich om te verkopen: vrouwen met manden met bananen of avocado’s op hun hoofd; mannen met fietsen die volgeladen zijn met houtskool. Maar ook minder voor de hand liggende dingen, zoals gras en riet. “Wat kun je eigenlijk met gras?”, vroegen we eens aan iemand bij ons in de auto. “Verkopen!”, was het antwoord…

Langs de weg staan talloze bij elkaar geraapte stalletjes waar (vooral) vrouwen hun waren verkopen. Hier kochten we een zak pinda’s voor iets meer dan een euro.

Op kruispunten rennen verkopers naar afremmende auto’s om belminuten, stekkers voor de mobiele telefoon, t-shirts, Scrabble, fruit of zelfs hondjes te verkopen.

Schoolkinderen zijn gemakkelijk te herkennen aan hun uniform. Op elk uur van de dag kun je ze wel zien lopen – het duurde een poosje voordat we erachter kwamen dat de scholen werken met shifts. Sommige kinderen hebben dus ’s ochtends les, en anderen ’s middags.

De meeste mensen hebben geen auto, maar het aantal auto’s groeit wel. Dus hier in Lusaka kun je soms best vertraging oplopen in het spitsuur!

Langs de grote wegen in de stad staat een woud van billboards – van telefoonmaatschappijen, fabrikanten van auto’s en tv’s, banken en Nederlandse bekenden zoals Heineken en de KLM.

De vrouwen met gele stofjassen aan hebben een baan die ik niet graag zou hebben. Ze staan de hele dag op straat het stof van de weg te vegen. Ze zetten pionnen op straat waar ze aan het werk zijn – maar je staat toch heel dicht op de auto’s die langsrijden.

Naast vrachtwagens, pick-uptrucks en personenauto’s (veel SUV’s!) zijn de blauwe busjes een bekend gezicht in het straatbeeld. Ze zitten altijd vol en zijn heel assertief met invoegen – maar gelukkig heel herkenbaar.

Auto’s zijn hier wat minder goed onderhouden dan in Nederland. Een barst in de voorruit zoals in onze auto is nog wel het minste probleem. We zien regelmatig auto’s met reservebanden of met ontbrekende onderdelen van het chassis.

Als er een tak op straat ligt is het oppassen geblazen; dat betekent dat er een voertuig is stilgevallen, zoals hier een vrachtwagen.

En hoe zit het nou met de man met de waterpas? Tja… die zien we ook regelmatig; maar het is nog niet gelukt hem op de foto te zetten…

Corruptie

We zijn net geland in Lusaka en de eerste Zambiaan die we tegenkomen, maakt een grap over corruptie. Naar mij wijzend zegt douanier tegen Johanneke: ‘Heeft hij geen fles wijn voor mij meegenomen? Hij zei dat hij een fles wijn voor mij zou meenemen…’

De eerste zes artikelen gaan over corruptie…

De kranten staan hier elke dag vol met berichten over corruptie, of liever gezegd met berichten over de strijd tegen corruptie. Vandaag gaan de eerste zes artikelen van de krant over corruptie: de vorige president wil niet de gevangenis in voor corruptie; iemand beweert dat de rechterlijke macht corrupt is; de vorige regeringspartij zou betrokken zijn bij een corruptie-schandaal binnen de VN enzovoort…

Zelf hebben we deze maanden nog erg weinig van corruptie gemerkt. We zijn heel druk geweest met het aanvragen van allerlei overheidsdocumenten, maar hebben nooit de suggestie gekregen dat we er maar wat geld bij moesten stoppen. Een voorval lijkt wel verdacht en laat meteen zien hoe moeilijk het is er iets aan te doen: toen ik een bekeuring kreeg.

Ik sta te wachten voor een stoplicht bij een groot kruispunt. De auto voor mij wil linksaf en ik wil rechtdoor. Het licht gaat op groen, maar de auto voor mij treuzelt. Ik zie dat de baan naast mij – die voor rechtsaf – vrij is, dus via die rijbaan rijd ik om de auto voor mij heen. Dat is niet zo slim, want op de vluchtheuvel tegenover mij staan al agenten te wachten. Dit kruispunt heeft zelfs een eigen politiekantoortje…

Ik moet stoppen en meekomen. Bij het om de auto voor mij heen rijden, ben ik over een doorgetrokken  streep heen gekomen. ‘Ik wist niet dat dat niet mocht’, probeer ik nog, maar die verkeersregel is overal hetzelfde volgens de agente. In het overvolle kantoortje haalt ze een formulier en ik moet mijn rijbewijs laten zien. Terwijl ze mijn naam begint over te schrijven, zeg ik dat het me spijt en dat ik nog maar net in Zambia ben.

De boete is 270.000 Kwacha  (bijna 40 euro) voor roekeloos rijden. “Dat is wel erg veel”, zeg ik. De agente vraagt of ik hier op vakantie ben. “Nee, ik woon op Justo Mwale Theological College”, vertel ik. – “Ben je daar student?” – “Nee, leraar.” – “Leraar in theologie? Heb je een universitaire graad dan?” Ik probeer uit te leggen dat ik een Masters heb en bijna een PhD. Ze houdt op met schrijven en vraagt of ik 270.000 dus veel vind. Ze kan er ook 45.000 van maken voor het je niet houden aan een verkeersregel. Ik geef haar een briefje van 50.000 en dan is het goed. Ik krijg geen geld terug en ze gaat niet verder met het invullen van het formulier. Als ik dit vertel in auto tegen de Zambiaanse aan wie we een lift geven, zegt zij “Ze gaan er vast wat van drinken”.

Tja, dan heb ik nu dus meegewerkt aan corruptie… Maar aan de andere kant vind ik mijn ‘overtreding’ ook geen 270.000 waard. Wat moet je dan doen? Ik had op zich best die 270.000 kunnen betalen, al was het maar om te voorkomen dat ik meewerk aan corruptie, maar voor mensen die elke Kwacha om moeten keren, zijn 270.000 er een stuk meer dan 50.000… Lastig hoor.

Chipolopolo iyee!

Maandagochtend 13 februari, 8:30 uur. Buiten klinkt het rumoer van vuvuzela’s en toeterende auto’s. Vanuit het raam zie ik kinderen voetballen. Ze oefenen met penalty’s nemen. Acht uur geleden heeft Zambia in een ongelofelijk spannende finale de Afrikacup gewonnen door een penaltyserie tegen Ivoorkust. School komt morgen wel!

Zambia heeft gewonnen!

De wedstrijd keken we zoals elke wedstrijd bij één van onze Zambiaanse collega’s – een enthousiast voetbalfan. Wat een wedstrijd! Op het puntje van onze stoel zagen we hoe de teams aan elkaar gewaagd waren. Didier Drogba van Ivoorkust miste een cruciale penalty; maar het lukte Zambia ook niet een doelpunt te maken. Dan maar penalty’s. Terwijl we het team zagen zingen en bidden schoten de spelers de ene na de andere penalty in het doel – maar dat deden de Ivorianen ook. Eindelijk, toen het al 7 – 7 was, kwam de beslissing. Zambia wint! Onze collega en zijn vrouw renden van vreugde een rondje door het huis. Buiten zwelt het geluid van vuvuzela’s aan.

12:00 uur. Het nationale team kan elk moment aankomen op Lusaka International Airport. Het vliegveld begint vol te lopen met fans – sommigen hebben er zelfs de nacht doorgebracht! De open bus voor de spelers staat al klaar, en er verzamelt zich een hele reclamekaravaan. Later in de middag volgt er een huldiging op de Lusaka Showgrounds. We besluiten onze tuinman en schoonmaakster vrij te geven zodat we zelf langs de weg kunnen staan waar het team langskomt.

Voetbalfans in Kaunda Square

Gisteren voor de wedstrijd waren we naar de markt in het nabijgelegen Kaunda Square gelopen. Hermens Zambiaanse voetbalshirt werd met veel enthousiasme ontvangen. “One Zambia, one nation”, riepen mensen ons toe. “Gaan we winnen vanavond?” Het was een uur of vijf in de namiddag en bij de cafés op de markt was het publiek al aardig aangeschoten. We werden begroet met omhelzingen en handdrukken. Gek hoor, denk ik. Ik ben toch ook gewoon maar iemand? Waarom zou je ons uitgebreid gaan begroeten en een andere Zambiaan met een voetbal t-shirt aan niet?

14:14 uur. Het vliegtuig van het team is vertraagd. De verwachte aankomsttijd is half vier. We volgen de situatie voorlopig op tv. De tuinman en schoonmaakster zijn niet komen opdagen – misschien gaan ze zelf ook kijken bij de intocht. Er heeft zich een enorme menigte verzameld op de Showgrounds. Mensen klimmen op het dak van het clubhuis van de rugbyclub, zodat het in dreigt te storten. De speaker vraagt hen om daar weg te gaan. Pas als hij zijn vraag ook in het Chinyanja herhaalt, komt er beweging in en gaan ze van het dak af. De commentatoren op tv maken zich zorgen om  de mensenmenigte. Er zijn nu al zoveel mensen dat het entertainmentprogramma is opgeschort, omdat de massa niet gecontroleerd kan worden. Wat als het voetbalteam aankomt en de duizenden mensen van het vliegveld ook naar de Showgrounds willen? Televisiekijkers wordt aangeraden om maar thuis te blijven.

Zoveel mensen kunnen er dus in een pickup...

Onterecht is die zorg niet. In de festiviteiten na eerdere gewonnen wedstrijden zijn al elf mensen omgekomen, door feestvierende, dronken chauffeurs die in het donker voetgangers aanrijden. Zondag in de kerk werd gevraagd om voorbede voor de fans, dat ze op een verantwoorde manier zouden feestvieren.

15:50 uur. We zien het vliegtuig landen en gaan op weg naar de rotonde van Munali Road en de Great East Road. Wij wonen aan Munali Road en de stoet rijdt via de Great East Road van het vliegveld de stad in. Het is een wandeling van een kilometer of 3. Bij de rotonde is het al druk – sommigen staan al urenlang te wachten op de vertraagde stoet. Hoe lang het nog gaat duren voor het team komt? Niemand weet het. We zwaaien naar auto’s en trucks vol fans.

Menigte...

Om ons heen roepen mensen “Don’t Kabeba” – het lied dat de spelers na elk doelpunt zongen. Het verwijst naar de verkiezingscampagne afgelopen september. “Don’t Kabeba” betekent “vertel het niet”. Neem het geld van de zittende regering maar aan, zegt het lied, maar vertel niet waarop je stemt. Laat je niet omkopen!

Militaire politie maakt de weg vrij

Film intocht Chipolopolo via You Tube

17:00 uur. Militaire politie begint ruimte te maken op de weg. Nog een half uur later wordt het serieus: sirenes, militairen met geweren en dan twee trucks met spelers, coach en de enige echte Afrikacup! Het gejoel van de omstanders is bijna oorverdovend. En dan is het ook weer voorbij en volgen we de stoet richting huis.

Op weg naar huis

18.30 uur. We zijn weer thuis. Op tv zien we het team de beker omhoog houden. Ze zijn aangekomen op de Lusaka Showgrounds. Het dak van het clubhuis is alsnog ingestort, maar gelukkig is het meest ernstige gevolg een gebroken been. Laten we hopen dat het daar vandaag bij blijft!

Want niet iedereen heeft een helm op...

“We bring back your lost lover in 3 days”

In Lusaka zijn ziekenhuizen en dokters (in ieder geval qua afstand) voor iedereen bereikbaar. Maar net als in Nederland zoeken sommigen genezing in alternatieve, niet-reguliere geneeskunde. Er zijn overeenkomsten, maar ook belangrijke verschillen – en uiteindelijk denk ik dat ik het gewoon nog niet snap… 

Cairo Road is voor zwarte Zambianen het winkelhart van de stad (niet-Afrikanen gaan naar de grote shopping-malls zoals Arcades en Manda Hill). Op straat zitten verkopers met schoenen, boeken, hoesjes voor mobieltjes etc. Ook gezondheid is te koop: Chinese traditionele medicijnen staan uitgestald op tafeltjes en er worden folders uitgedeeld voor Afrikaanse traditionele genezers. In één van de folders vind ik deze lijst:

 1. We bring back your lost lover in 3 days

2. We make men’s penis strong permanently

3. We make mens penis enlargement (L,XL,XXL)

4. We remove bad luck & give good luck

5. To get promotion at work, need alone

6. Sexual transmitted diseases, STDs, AIDS by symptoms

7. Trouble marriages / Demand debts’

8. Business attraction / More customers

9. No control over money / Stop smoking & drinking

10. Make your lover crazy over you

11. Women / Men who can’t produce

12. Protect House, Cars and Business

13. Financial problems

14. To win court cases / To win gambling, lotto, Cassino

15. Long periods / Women’s Mps

16. Misunderstandings with your lover / Any one

17. Prevent wife or husband from sleeping around

18. Attract a man (boys) women 9girls) to be after you

19. Bewitched people / Madness / Pass exams at school

20. High blood pressure / Asthma / Diabetes / Back pains / Leg pains.

Gezondheid is belangrijk op de lijst – en dat is het ook voor mensen in Nederland die op zoek gaan naar alternatieve geneeswijzen. Rugklachten zijn bijvoorbeeld een reden om aan yoga, accupunctuur of tai chi te gaan doen. De medische problemen waar deze traditionele heler bij helpt zijn echter een stuk serieuzer dan in het Nederlandse alternatieve milieu. SOA’s, AIDS, diabetes – dat zijn ernstige medische condities die in Nederland toch vooral in het reguliere medische circuit thuishoren.

Naast gezondheid staan er allerlei dingen op de lijst waar ik in Nederland niet voor naar het alternatieve circuit zou gaan: relatieproblemen; succes op het werk, in de rechtbank of het casino; hekserij. Hoe werkt dat eigenlijk, je lover kwijt raken? Waarom staan madness en slagen voor examens op school in hetzelfde rijtje? En dan de nadruk op seksualiteit…  Een andere folder noemt het zelfs als het belangrijkste probleem:

1) THE PENIS problem. If a man doesn’t sexually function well, his mind is not settled and he cannot creat a good fortune as well his marriage will be in shambles. So look for PRO PRAHAD for assistance in the 3 in 1 which includes size, strength and early ejaculation.

Daar kan ik nog even niks mee… Een belangrijk verschil zit hem ook in de toon van de folders:

Life is a tag of war, the more you grow the more problems you come across. But when you meet such problems, you have to look for a good solution and thats from Doctors like PRO PAHAD a doctor who is here to help.

In Nederlander zoeken cliënten in het alternatieve milieu het probleem en de oplossing vaak in zichzelf: vage klachten komen door een gebrek aan balans, te veel ‘in het hoofd zitten’ en niet goed naar je lichaam luisteren. Hier komen zowel de problemen als de oplossingen van buiten.

Je hoort wel eens kritiek op het denken in het Nederlandse alternatieve milieu. Zelf verantwoordelijk zijn voor alles wat op je pad komt is een verantwoordelijkheid die haast te zwaar is om te dragen. Maar aan de andere kant spelen de waarden die ik uit Nederland heb mee gekregen mij parten: problemen buiten jezelf zoeken, zou ik zien als onvolwassen en getuigend van een zwak karakter. Lastig, zulke beelden, als je eerlijk onderzoek wilt doen naar wat mensen hier beweegt!