Justo Mwale in uniform

Op Justo Mwale bestaat het academische jaar uit drie trimesters. Elke week wordt op vrijdagochtend afgesloten met een gezamenlijke kerkdienst. Op de laatste vrijdag van het trimester is er een bijzondere dienst: er is avondmaal, en alle studenten en docenten dragen hun officiële tenue.

Voor predikanten is dat een boordje, of zelfs een toga. En studenten dragen het uniform van de mannen-, vrouwen-, of jongerenvereniging waar ze bij horen. Elke kerk heeft z’n eigen uniform, dat maakt deze dienst heel speciaal. Afgelopen vrijdag sloten we het eerste trimester af – zie hieronder het fotoverslag.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Meer foto’s zien van Justo Mwale en Zambia? Volg Johanneke dan op Facebook of Flickr.

Advertenties

Augenleid

Dieses Jahr haben wir unsere Studenten zum vierten Mal mitgenommen für einen Augentest.

20170313-DSC_2827

Lesen ist ein wichtiger Teil des Studiums – Lesen in der Bibel, lesen in den Textbüchern, lesen was der Lehrer an der Tafel schreibt. Das Lesen fällt manche Studenten wirklich schwer. Kinder wachsen in Sambia nicht auf mit leichtem Zugang zu Büchern. In der Schule wird gelernt durch Wiederholung: der Lehrer sagt etwas, und die Schüler sagen es ihn nach. Einen Text kritisch zu lesen ist neu für unsere Studenten. Und wenn dann das Lesen noch schwieriger wird durch ein Problem mit den Augen verzweifeln manche Studenten.

20170313-DSC_2830

Eine Brille kostet in Sambia ungefähr ZMW 450, oder €40. Für viele Studenten ist dass eine zu hohe Summe. Studenten auf Justo Mwale University empfangen ein Stipendium von ihrer Kirchengemeinde. Es gibt Gemeinden die dieses Stipendium nicht zahlen können, und wenn dass so ist hat der Student manchmal nicht mal Geld genug um sein Essen zu bezahlen. Für eine Brille reicht es schon gar nicht.

20170313-DSC_2844

Die Studenten sind dankbar dass die Evangelisch Alt-Reformierte Gemeinde Wilsum ihnen unterstützt mit einen finanziellen Beitrag für Brillen. Dieses Jahr hatten wir genug Geld – von der Gemeinde, aber auch von einigen Privatpersonen – um die Augen von 21 Studenten zu testen.

20170313-DSC_2846

Ein Student war ganz überrascht. Er konnte nur lesen wenn er ein Buch weit weg vor seinen Augen hält – seine Arme waren fast nicht lang genug. Und jetzt hat er eine Brille ausprobiert und er kann lesen, einfach so. Dass hatte er nie erwartet.

20170313-DSC_2849

Von einigen Studenten war das Auge entzündet, sie haben Medikamenten empfangen. Ein paar Studenten haben eine Überweisung ins Krankenhaus bekommen weil es größere Probleme wie zum Beispiel Star gibt.

Students

Zusammen mit den Studenten sagen wir herzlichen Dank für Ihre Hilfe!

Eten uit de tuin

De groene vingers van onze ouders hebben we helaas niet geërfd (of misschien hebben we die erfenis niet aanvaard…), maar in de regentijd levert onze tuin toch vanalles op.

Allereerst mango’s. Van begin december tot eind januari zijn de mango’s rijp, en met vier mangobomen in onze tuin worden we rijkelijk bedeeld. Het is een uitdaging om ze op te krijgen: mangochutney, mangobrood, mangoijs, mangocurry – we hebben het allemaal al geprobeerd. Gelukkig helpen onze tuinman, de werkster en de guards ook mee…

Dan de papaya’s. Papayabomen doen het goed in onze tuin, en ze dragen het hele jaar vrucht. Eén nadeel: de boom groeit snel, en na een paar jaar al is de stam zo hoog dat de papaya’s onbereikbaar worden. En valt een papaya op de grond, dan is het ‘splash’… Papaya’s zijn vooral lekker in een salade met wat zuurdere vruchten, zoals appel en sinaasappel. Of met een scheutje citroensap.

Guaves zijn er ook het hele jaar door, geloof ik. Inmiddels hebben we hier ook een stuk of vier bomen van. (Onze tuinman plant graag bomen.) Guaves hebben heel veel kleine harde pitjes, dat is een beetje jammer. In Zuid-Afrika worden ze net als peren op sap bewaard, en ze smaken ook vergelijkbaar.

Passievruchten zijn nieuw in onze tuin. Onze buurman heeft een passiebloemstruik, die over het muurtje tussen onze tuinen heen groeit. We genieten van de prachtige bloemen. Dit jaar heeft de plant ook erg veel vruchten aan onze kant van de muur. We weten niet precies wanneer ze rijp zijn – het internet vertelt dat ze eetbaar zijn wanneer ze verrassend zwaar zijn. Dat zijn ze nog niet…

Tenslotte bananen. Onze bananenplanten deden het nooit zo goed, maar op dit moment zijn er vier trossen in de maak. Duurt wel lang – op één tros wachtten we al voor we in november naar Nederland gingen, en ze zijn nog niet rijp. Voor de voorvreugde alvast het lekkerste recept van bananenbrood dat we kennen:

160 g boter, 175 g suiker, 3 eieren, 400 g bloem, 3 bananen, 175 ml karnemelk, 2 tl kaneel, zout, bakpoeder

Verwarm de oven voor op 180 graden. Meng de suiker met de zachte boter. Voeg de eieren één voor één toe. Vermeng met de bloem, bakpoeder en een snufje zout. Prak de bananen en voeg ze toe aan het deeg. Roer met de karnemelk en kaneel tot een glad beslag. Kijk na 45 minuten in de oven of het brood gaar is door er een satéprikker in te steken die er dan schoon weer uit komt.

Eetsmakelijk!

 

 

De leukste films van 2016

Wij gaan hier in Zambia vaak naar de film. Er is vaak ’s avonds geen stroom, en de bioscoop is ook niet zo duur als in Nederland. In 2016 zijn we naar 60 films geweest – we hangen de kaartjes op ons prikbord. En deze films vonden we het leukst:

IMG_0415.jpg

Van de 13 actiefilms vonden we Bastille Day het best, over een bankoverval/anti-terrorisme-operatie in Parijs met veel verrassende plotwendingen. We vinden het leuk als we het er na afloop nog over kunnen hebben over hoe het nu precies zit, wat er precies gebeurt is, zoals bij The Accountant, The Girl on the Train en Now You See Me 2. Ook Skiptrace met Jackie Chan vonden we leuk, maar vooral vanwege wat het van Azië liet zien. In de kleine categorie Westerns won bij ons trouwens ook een film over China: House of the Flying Daggers.

Van de 9 science-fiction films vonden we Morgan het best waarbij je niet wie er nu een robot is en wie menselijk. In de film 10 Cloverfield Lane was het verrassend dat de hele film wordt toegewerkt naar dat de verhalen over marsmannetjes natuurlijk onzin zijn, en dan duiken ineens de meest stereotype marsmannetjes die je kunt bedenken op. De serie-films van Star Trek en Divergent eindigen bij ons ergens in het midden – leuk om te zien, maar niet super. Dat gold ook voor de serie-films van Superman en X-men in de categorie superhelden – de verhaallijn van de X-menfilms lijkt altijd hetzelfde: ‘Mensen vinden X-men eng omdat ze anders zijn, moeten de X-men zich dan maar voorbereiden op een onvermijdelijke oorlog? Nee, het is natuurlijk beter je verzoenend op te blijven stellen’. Van de 12 superheldenfilms vonden wij Suicide Squad het grappigst.

Bij de 11 grappige films stond dan weer Legend of Tarzan bovenaan, maar vooral omdat het aan het denken zette over hoe Afrika in de film gepresenteerd werd. Tweede hier was Ghostbusters.

Timbuktu vonden het beste van de 8 politiekige films, waarin het contrast nomaden-stedelingen en de opkomst van de radicale islam door elkaar heen speelden. Ook Eye in the Sky maakte veel indruk, over of je met drones bommen mag gooien op terroristen als je op je live-beelden in de tuin ernaast een klein meisje ziet hoela-hoepen. Tenslotte was er nog het Japanse filmfestival met drie films met eenzelfde thema: het plattelandsleven in Noord Japan – het leukst vond ik Karaage USA over dorp met een wedstrijd de lokale Fried Chicken (Karaage) bakken.

Welke film van 2016 vond jij het leukst?

De spin, de gekko, en de kakkerlak

We genieten van de dierenwereld hier in Zambia. Van de vogeltjes en kevers in de tuin tot de spin en de gekko binnen. Maar er is één dier dat we niet tolereren.

De spin – of, waarschijnlijker: spinnen – is heel onschuldig. (Echt waar, Linda!) Hij zit op de muur. Hij beweegt overdag niet. Hij is niet harig. En – om de één of andere reden is die belangrijk voor mijn positieve evaluatie van de spin – hij is plat. De gekko is erg verlegen. We zien hem eigenlijk alleen als hij vanachter het wandkleed naar achter de gordijnen sprint. In tegenstelling tot de spin maakt de gekko geluid: hij zegt af en toe indringend ‘tik tik tik tik tik’. Op ons kantoor woont de gekko achter de klok. Die nu dus regelmatig tikt.

De spin en de gekko delen onze tolerantie voor hun aanwezigheid overigens niet. Ik ben ervan overtuigd dat ’s nachts, als niemand kijkt, de spin en de gekko epische gevechten leveren. Ik denk dat de gekko wint. De laatste keer dat ik de spin zag, had hij nog maar vijf poten…

Toch kent onze dierenliefde grenzen. Eén dier in het bijzonder valt daar buiten: de kakkerlak. Hij wurmt zich tussen de kieren van het plafond ons huis in, valt naar beneden en begint te rennen. De kakkerlak is een centimeter of vijf lang, kan vliegen, maar rent het liefst over de vloer. Plotseling, en heel dichtbij. De kakkerlak moet dood.

Maar de kakkerlak is snel, onverschrokken, en stiekem zijn we er een beetje bang voor. “Ik vind het niet leuk,” zegt Hermen als ik hem een sandaal aanreik. Eén keer slaan is over het algemeen niet genoeg. Het moet kraken, en je moet de sandaal een beetje over de grond wrijven. Ik vind het ook niet leuk. De overblijfselen vegen we naar buiten, ter afschrikking van de volgende gelukszoeker. Hopelijk…

Benieuwd naar de dierenwereld op Justo Mwale? Kijk eens naar dit album:

To bee or not to bee

Is er al nieuws?

Afgelopen donderdag was het verkiezingsdag in Zambia. De Zambianen hebben gestemd voor een president, parlementsleden, burgemeesters en een referendum voor de gewijzigde grondwet. Inmiddels is het zaterdag, en is er nog geen definitieve uitslag bekend. “Is er al nieuws?” vraag ik aan Hermen als hij terugkomt uit ons kantoor, waar we internet hebben. En ik ben vast niet de enige die met spanning uitkijkt naar de bekendmaking van de winnaar van de presidentsverkiezingen.

20160724-DSC_0661

De twee belangrijkste kandidaten zijn Edgar Lungu en Hakainde Hichilema (ook wel HH genoemd), net als bij de tussentijdse verkiezingen anderhalf jaar geleden. In januari 2015 werd Lungu president om de termijn van de overleden Michael Sata af te maken. Zambia heeft een geschiedenis van vredig verlopen verkiezingen en machtswisselingen zonder veel problemen. De situatie was in deze verkiezingstijd wat gespannen, en de verkiezingscampagne werd in Lusaka zelf tien dagen stil gelegd nadat een aanhanger van de oppositiepartij UPND was doodgeschoten tijdens een verkiezingsbijeenkomst. Jonge, militante leden van zowel de regeringspartij PF als de UPND – in Zambia worden ze cadres genoemd – stelden zich regelmatig intimiderend op en schrokken niet terug voor geweld.

20160520-DSC_9233-bewerkt-bewerkt

De verkiezingsdag afgelopen donderdag verliep rustig. Volgens de ECZ, het Zambiaanse verkiezingscomité, begon het stemmen in bijna alle stemlokalen op tijd, en had 85% van de stemlokalen de juiste stembiljetten ontvangen. (Dat lijkt mij overigens niet een resultaat om trots op te zijn, maar goed…) Een paar auto’s met stembiljetten zaten vast in de modder en waren dus niet op tijd op de juiste locatie, en her en der had iemand zich verslapen waardoor het stembureau wat later openging. In twee districten bleken de kandidaten voor de parlementsverkiezingen omgewisseld – daar wordt later nog een keer voor gestemd. Grote ongeregeldheden en geweld zijn gelukkig uitgebleven.

Nu de resultaten op zich laten wachten stijgt de spanning. Er doen allerlei geruchten de ronde: de PF zou vooraf ingevulde stembiljetten hebben verspreid in Lusaka. De server van het verkiezingscomité dat de resultaten bekend moet maken zou zijn gehackt, en de resultaten aangepast. De regeringspartij maakt al sinds vrijdag resultaten bekend die laten zien dat zij gewonnen hebben, terwijl er nog vrijwel geen uitslagen officieel bekend zijn gemaakt.

Geruchten ontstaan vaak in dergelijke onzekere situaties. Sociologen beschrijven geruchten daarom wel eens als ‘geïmproviseerd nieuws’. In een situatie waarin mensen gespannen op nieuws zitten te wachten – nieuws dat uitblijft – gaat men zelf aan de slag om oplossingen voor het nieuws-vacuum te bedenken. Wat zou er aan de hand kunnen zijn? Zou het niet zo kunnen zijn dat …? Opeens kan elk detail relevant zijn, als het past in een al bestaand verwachtingspatroon. Iemand zag vreemde vrachtwagens. En iedereen weet dat politici niet te vertrouwen zijn en er alles aan zullen doen om de verkiezingen te ‘stelen’. Dus dat zullen wel vrachtwagens vol ingevulde stembiljetten zijn geweest. Een man werd gearresteerd in de computerkamer van het verkiezingscomité. Wat zou hij daar gedaan kunnen hebben? Heeft hij de resultaten veranderd? Heeft hij een programma geïnstalleerd waardoor derden nu toegang hebben tot het computersysteem van het verkiezingscomité?

Geruchten kunnen schadelijk zijn, of ze nu waar zijn of niet. ‘Een situatie die voor waar wordt aangezien, is waar in zijn consequenties’, luidt de bekende stelling van een socioloog uit de jaren ‘20. Wie de geruchten gelooft baseert zijn acties erop. En met de licht ontvlambare cadres in beide kampen kan dat zomaar geweld inspireren. Zelfs wanneer de resultaten snel bekend gemaakt zouden worden is het de vraag of deze geaccepteerd worden. Is de reputatie van het verkiezingscomité niet al te ver geschaad? Het belooft een nek-aan-nek race te worden tussen de twee presidentskandidaten. Als één van beide de uitslagen niet accepteert, kan een groot deel van de bevolking zich bedrogen voelen.

We wachten af. “Is er al nieuws?” vraag ik nog een keer. Het is een spannende tijd voor Zambia.

Lumimba Parish: Geloof op het platteland

Op Justo Mwale University is het vakantie-tijd, en de studenten zijn bezig met hun jaarlijkse vijf weken stage in een gemeente op het platteland. Hoe gaat het eigenlijk in de rurale gebieden van Zambia? We zochten een bevriende priester op in Eastern Province.

Father Bernhard komt uit Trier in Duitsland, maar woont al meer dan vijftien jaar in Zambia. Afgelopen jaar werd hij overgeplaatst naar Lumimba in het oosten van Zambia, in de buurt van Luambe National Park. Samen met drie andere paters heeft hij de opdracht om nieuwe initiatieven op het gebied van missie te ontwikkelen.

Lumimba Parish bestrijkt een gebied van meer dan 200 km van noord naar zuid, gelegen in de Luangwa vallei. In dit gebied liggen tientallen dorpjes. De dichtstbijzijnde verharde weg is drie uur hobbelen ver, maar Lumimba is het hele jaar door bereikbaar – wat de reden is dat dit gekozen is als het hoofdkwartier voor de paters. De priesters in Lumimba komen van de Sociëteit van Missionarissen van Afrika, ook wel bekend als ‘Witte Paters’.

De Luangwa vallei is een wildrijk gebied met verschillende nationale parken: South Luangwa, North Luangwa en Luambe National Park. In vroeger tijden leefden de mensen in dit gebied van de jacht. Ze denken er aan terug als een paradijselijke tijd, waarin je maar naar buiten hoefde te stappen of je kon een impala of wrattenzwijn schieten. Waarin je maar je hand omhoog hoefde te steken of je kon een stuk gedroogd vlees pakken dat aan de zolder hing te drogen. Als je alle tribale gemeenschappen van Afrika vergelijkt, dan stonden de bewoners van de Luangwa vallei op nummer één qua vleesconsumptie; ze aten zelfs tien keer zoveel vlees als de nummer twee. Tegenwoordig werkt het niet meer zo. In de nationale parken en ook in het gebied daarbuiten is de jacht verboden. Vlees, en zeker ‘bushmeat’ is niet vanzelfsprekend meer.

Dus zijn de bewoners van Lumimba Parish nu aangewezen op landbouw. Vlakbij de rivier is het land heel vruchtbaar. Wat je ook maar plant, het komt op en draagt rijkelijk vrucht. Maar die vruchtbare akkers overstromen bijna elk jaar. Het is een soort loterij: als je geluk hebt, heb je met maar weinig investeringen een superoogst, maar – veel vaker – heb je pech en verlies je alles.

Verder weg van de rivier heeft het land kunstmest nodig, waarvoor de boeren elk jaar een lening afsluiten. En elk jaar is het afwachten of het regenseizoen gunstig uitvalt. Naast maïs, bladgroente en tomaten voor de dagelijkse consumptie wordt er katoen verbouwd, en een beetje rijst. Dit jaar zijn de resultaten wisselend. Het heeft niet veel geregend. Sommige plekken hebben steeds op precies het goede moment regen gehad, op andere plekken is de oogst mislukt.

Gebrek aan regen is niet het enige probleem. In het regenseizoen, wanneer de gewassen groeien, komen de dieren graag naar de akkers om wat mee te pikken. Een impala of wat wrattenzwijnen zijn geen probleem. Maar als er een kudde olifanten of buffels door je veldje trekt ben je je oogst kwijt. Daarom slapen mensen op hun akker in de regentijd, op een platformpje boven de grond. Als er olifanten, buffels of apen aankomen beginnen ze te trommelen om de dieren weg te jagen.

Op onze reis naar Lumimba staken we verschillende nu droge rivieren over. Geen probleem met een vier-wielaandrijving. Maar zodra de regens beginnen wordt het moeilijk. Een deel van de grond is veenachtig en erg plakkerig. Van november tot juni is de weg die wij hebben genomen niet bereidbaar. Dat betekent dat grote delen van Lumimba Parish zeven of acht maanden per jaar onbereikbaar zijn voor motor voertuigen. De mensen weten dat: ze zorgen ervoor dat ze genoeg voorraden hebben om die tijd door te komen. Wie in de regentijd ziek wordt en een ziekenhuis nodig heeft, heeft pech.

Father Bernhard ging in één van de dorpjes langs bij een jonge vrouw met een zeer been. Haar been is opgezwollen en ze heeft wonden aan haar voet. Al tien jaar lang. Al tien jaar lang zit ze de hele dag voor haar hut. Ze gaat niet naar school. Haar ouders zijn bang om naar het ziekenhuis te gaan – want dan wordt het been er misschien wel afgehaald. Eén keer hebben ze de reis gemaakt naar het ziekenhuis van Lundazi, vier uur verderop. Daar konden ze niks voor het meisje doen, ze zou ervoor naar Lusaka moeten. Het ziekenhuis bood aan om vervoer per ambulance te regelen. Maar de ouders zagen het niet zitten. Het meisje kan niet in haar eentje naar Lusaka, dus er moeten familieleden mee. Ze kennen niemand in Lusaka. Ze weten niet hoelang het gaat duren. Father Bernhard biedt aan dat als de familie op eigen kracht naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis kan gaan, en het ziekenhuis dan het transport naar Lusaka regelt, dat de kerk dan kan helpen met contacten en accommodatie in Lusaka. De ouders denken er nog over na. Ze willen wel, maar in augustus gaat het waarschijnlijk nog niet lukken.

In de droge tijd, en vooral in juli en augustus, komen handelaars uit Chipata en Lundazi wekelijks met een gehuurde vrachtauto naar de dorpen. Ze verkopen kleurige kleding, plastic huishoudartikelen, speelgoed en fietsonderdelen. In deze tijd van het jaar doen ze goede zaken. De oogst is binnen. Op veel erven zien we één of twee balen katoen liggen – de opbrengst van de velden van de boer. Eén baal levert 300 kwacha op, ongeveer 30 euro. Daar gaan de leningen voor kunstmest en bestrijdingsmiddelen nog vanaf, maar iets zal er over blijven. Eind augustus is het geld weer op, en blijven de handelaren ook weg.

Lumimba bestaat niet alleen uit een kerk en een huis voor de paters, maar ook uit een grote school voor middelbaar en lager onderwijs. Er is net een nieuw schoolhoofd, op aandringen van de paters. Het vorige schoolhoofd werkte volgens het principe ‘als jij mij er niet bijlapt, lap ik jou er niet bij’. Resultaat was dat leraren soms maandenlang niet op kwamen dagen. Sinds kort eindigt elk schooljaar met een eindtoets om te kijken of de leerlingen op schema zijn. Vorig jaar zakten alle leerlingen in jaar zeven, zes, vijf, vier, en drie. In klas twee haalden de kinderen van een docent de toets.

Voor de eerste zeven jaar is er geen officieel schoolgeld, maar ouders moeten wel een uniform betalen, een bijdrage voor de eindtoets, en in klas zeven moeten de leerlingen ook een identiteitsbewijs hebben. Bij de waterput in Lumimba troffen we drie leerlingen. “Zijn jullie eruit gestuurd of hebben jullie vrij?” vroeg father Bernhard. “We zijn van school gestuurd,” was het antwoord, “want we konden niet betalen.” Twee van de drie zaten in jaar vijf, en moesten vijftien kwacha betalen. Voor de ander kwam er geld voor het identiteitsbewijs bij, hij moest vijftig kwacha betalen.

De school in Lumimba is een gemengde school, en veel kinderen blijven er ook ‘s nachts omdat hun ouders op afstand wonen. Sinds kort is er een aparte slaapzaal voor meisjes – de paar meisjes die voordien op school zaten sliepen bij de docenten thuis (en werden daar alsnog zwanger). De meisjes slaapzaal ligt zo ver mogelijk bij de slaapzaal van de jongens vandaan. Het nieuwe schoolhoofd heeft bepaald dat jongens en meisjes ‘s avonds niet meer samen mogen studeren, wat heeft geleid tot veel protesten bij de scholieren.

Een huis in Lumimba is vorig jaar omgebouwd tot mobiele kliniek waar mensen met eenvoudige kwalen terecht kunnen, en waar kinderen ingeënt kunnen worden. Maar er was geen sanitair, dus na een paar maanden is dat gestopt. De paters hebben met de dorpsoudsten van Lumimba en omliggende dorpen afgesproken dat er, zodra er een toiletgebouw is, weer begonnen wordt met de kliniek. Er zijn al stenen gebakken, maar verder gebeurt er nog niet zoveel, dus de kliniek is al bijna een jaar niet meer open.

In de regentijd, wanneer het even niet regent, zijn de dorpen om Lumimba nog wel bereikbaar met de fiets. Tenminste, zolang je met de fiets boven je hoofd getild door de rivier kunt waden. De vier paters die sinds vorig jaar in Lumimba wonen hebben er plezier in om het hele jaar door de dorpen te bezoeken. Hun gemeenteleden zijn daar wat verbaasd over. “Maar wij gaan alleen van juni tot oktober naar de kerk,” zei één van hen vorig jaar tegen father Bernhard toen hij in februari langskwam.

De kerk relevant laten zijn in alle maanden van het jaar, dat is de uitdaging voor de paters van Lumimba Parish. En gemakkelijk is dat nog niet. Waar in andere delen van het land gemeenteleden staan te springen om in de kerkenraad te komen is er hier vooral desinteresse. Uiteindelijk wordt er gestemd voor mensen die niet aanwezig zijn op de vergadering – en of dat goede kerkenraadsleden zullen zijn valt nog te bezien. De gemeenteleden zelf nemen nauwelijks initiatief; bijvoorbeeld voor het toiletgebouw bij de kliniek.

De kerk groeit wel – elk jaar zijn er volwassenen die zich laten dopen. Daarvoor krijgen ze twee tot drie jaar catechisatie, vooral over bijbelverhalen. Father Bernhard is wat somber over wat ze eigenlijk leren. Afgelopen zondag sprak hij een groep catechisanten. Hij vroeg: “Wie waren de apostelen?” De antwoorden liepen uiteen van Paulus tot Mozes tot Moffat – een bekende 19e eeuwse zendeling. De meesten komen na hun doop niet meer naar de mis.

Waarom willen deze mensen dan toch Christen worden? Wat betekent het voor hen? Father Bernhard heeft wel een idee. De kerk staat in Lumimba Parish voor contact met de wijdere wereld. De mensen in de Luangwa vallei weten dat hun woonplaats afgelegen is, en sommigen verlangen naar verbinding met de steden. De vrouwenvereniging van de kerk maakt vaak uitjes naar Lundazi of naar Chipata. Zo biedt de kerk contacten met de stad en de wereld, en dat is aantrekkelijk.

Is dat genoeg voor een kerk? Wat kan de kerk nog meer betekenen in Lumimba Parish? De vier paters houden een dagboek bij over hun pogingen om aanwezig te zijn en mensen te betrekken bij de kerk, in de hoop dat ze een formule vinden die werkt voor deze regio.