Ontmoetingen in ‘the village’

Hoe leven mensen in Zambia? Hoe wonen ze, hoe denken ze, hoe geloven ze? Met die vragen kwam een groep van acht gemeenteleden uit Nederland bij ons op bezoek voor een reis door Zambia van iets meer dan twee weken. Centraal voor hen stond de ontmoeting met gewone Zambianen. We hebben hen meegenomen naar de projecten die Kerk in Actie ondersteunt in Zambia – theologisch onderwijs aan Justo Mwale Theological University College (JMTUC), projecten rond gender en HIV/AIDS van de Council of Churches in Zambia (CCZ), en theologische vorming voor gemeenteleden bij Theological Education by Extension Zambia (TEEZ) – maar vooral hebben we geprobeerd hen in contact te brengen met Zambiaanse gemeenteleden.

Het meest indrukwekkende onderdeel van de reis was voor ons het bezoek aan een klein dorp waar één van onze oud-studenten predikant is. Tabitha Moyo studeerde vorig jaar af aan JMTUC en werd door de synode van de Reformed Church in Zambia (RCZ) als dominee geplaatst in Luanshya, een middelgrote plaats op de Copperbelt. De Copperbelt is het belangrijkste industriële gebied van Zambia, met veel mijnbouw.

DSC_3104Ook Luanshya – of Roan Antelope zoals het in de koloniale tijd heette – is ontstaan als een mijnstad. De mijnsector in Zambia heeft een turbulente geschiedenis. Tot de jaren ’90 trokken veel arbeiders naar de Copperbelt om daar werk te vinden in de mijnen, maar toen de mijnen geprivatiseerd werden in een tijd waarin de vraag naar kopererts erg beperkt was, stond iedereen op straat. In Luanshya zijn nog maar één of twee mijnen geopend, en betaald werk is schaars. “In mijn hele gemeente,” vertelt Tabitha, “hebben acht mensen een baan met een vast contract.” De rest scharrelt een inkomen bij elkaar als dagloner of door wat te verkopen.

DSC_3061

Tabitha’s kerk is de oudste kerk in Luanshya, gesticht in het begin van de 20ste eeuw. De eerste pastorie is een gek, rond hutje van golfplaten. In het eerste kerkgebouw worden families die geen dak meer boven hun hoofd hebben opgevangen. De nieuwere kerk doet ook dienst als basisschool.

DSC_3112Tabitha vertelt over het gevoel van hopeloosheid in haar gemeente: “Veel mensen hier hebben geen hoop meer op werk of inkomen. Kinderen gaan lang niet altijd naar school, want wat heeft het voor zin? Je komt er toch niet verder mee.” Het is een uitdaging om als nieuwe predikant te beginnen in zo’n gemeente. “Ik was geschokt toen ik hoorde dat ik hierheen zou gaan,” zegt Tabitha. “Ik dacht: dit is een doods gebied. Wat moet ik hier? Ik heb er veel over gebeden. Maar nu ik hier ben, zie ik dat het geloof veel kan betekenen. De mensen zijn echt hongerig naar geloof.” Voor een arme gemeente is het moeilijk om een predikant te onderhouden. Tabitha is dus maar een handeltje in laptops begonnen en geeft bijles aan scholieren.

De weg was "very bad" - ik zou zeggen: er was geen weg...

De weg was “very bad” – ik zou zeggen: er was geen weg…

Het leven in Luanshya, met al z’n uitdagingen, is heel anders dan leven in de dorpen op het platteland rond de stad. Een deel van Tabitha’s gemeente bestaat uit ruraal gebied, en ze wil ons graag kennis laten maken met het leven in een dorp. Dus rijden we in onze bus samen met Tabitha en een aantal gemeenteleden die goed Engels spreken en voor ons kunnen vertalen Luanshya uit. De zandweg die we volgen wordt al snel een karrespoor, en even later een eensporig pad dat eruit ziet of er nog nooit een auto over is gekomen. Onze busschauffeur is onverschrokken, hoewel hij zegt “The road is very bad.” Ik zou het niet eens meer road noemen…

DSC_3127De afstand naar Tabitha’s gebedshuis in het dorp is niet eens zo groot – misschien een kilometer of 20, 30. Maar met ons kruipende tempo doen we er anderhalf uur over. De afstanden zijn kleiner geworden in de afgelopen eeuw, zeggen we vaak. We vliegen in een paar uur naar de andere kant van Europa en zelfs een ver land als Zambia is niet meer dan een dagreis verwijderd van Nederland. Hobbelend in de bus over een pad dat geen pad is, realiseer ik me hoe belangrijk infrastructuur is om die afstanden te overbruggen. Als we de bus uitstappen zijn we in een andere wereld.

DSC_3067Onderweg pikken we een gehandicapte vrouw op, die ook graag met ons mee wil. Ze gaat ons voor naar het gebedshuis, zich voortslepend met haar handen en een been. “Ze heeft eigenlijk een rolstoel nodig,” zegt één van Tabitha’s gemeenteleden. Ik hoor de impliciete vraag – “Gaan jullie haar daaraan helpen?” – en voel me ongemakkelijk. Om mensen op basis van gelijkwaardigheid te ontmoeten moeten we voorbij aan het beeld dat wij als blanken een wandelende portemonnee zijn. Ik vraag me ook af of het voor een rolstoel niet al te laat is. Hoe krijg je dit opgevouwen lichaam in een rolstoel? En kun je wel iets met een rolstoel als er geen wegen zijn? Er zijn geen eenvoudige antwoorden…

De stoet van Nederlanders, gemeenteleden van Tabitha en het ontvangstcommittee uit het dorp trekt naar het gebedshuis. Deze kleine kerk ligt in het midden van het dorp – maar een dorp in Zambia ziet er anders uit dan een dorp in Nederland. Bij ‘de kerk in het midden van het dorp’ denken we in Nederland aan een kerkgebouw omringd door huizen, misschien winkels en iets verderop boerderijen, alles dicht bij elkaar. Tabitha’s gebedshuis staat op een open plek omringt door hoog gras en lage boompjes. Er zijn geen andere huizen zichtbaar. Her en der, dichterbij en verderweg, wonen families in stenen huizen of lemen hutten. Het dichtstbijzijnde huis is vijf minuten lopen van de kerk.

DSC_3070Ongeveer 50 mensen staan ons rond de kerk op te wachten. Een koor zingt en we worden enthousiast begroet, soms zelfs omhelsd. “Het dorp is klaar voor jullie,” had Tabitha al gezegd. “Ze zijn erg vereerd met jullie komt. ‘Er komt nooit iemand bij ons langs!’ zeiden ze.”

DSC_3099In het kleine kerkgebouw met de lemen banken worden we officieel begroet, met meer gezang. Het jongerenkoor danst door de kerk. De meeste kledingstukken komen tweedehands uit het Westen. Een stoere jongen heeft een zonnebril op, met het stickertje nog op het glas. Eén van de meisjes heeft een t-shirt aan van Britney Spears. Zou ze daar wel eens muziek van gehoord hebben? De hopeloosheid waar Tabitha het eerder over had geldt ook voor de jongeren op het platteland.

DSC_3090De dichtstbijzijnde school is in Luanshya, op minstens een uur loopafstand. “En de kortste weg, daar kunnen ze eigenlijk niet langs,” vertelt Tabitha. “Er staan overvallers op ze te wachten.” Nog een extra reden om dan maar niet naar school te gaan en gewoon wat rond het huis te hangen. “En daardoor is hier het aantal meisjes dat heel jong zwanger wordt groot.” Het is moeilijk voor te stellen hoe het leven hier in het dorp gaat. Van de kerk lopen we naar het huis van één van de ouderlingen. Huis is hier eigenlijk niet het goede woord, het is meer een homestead, een plek waar gezinnen van verschillende generaties samen leven. De ouders slapen in een huis, jongens en meisjes in andere huizen. Gekookt wordt er in een open hut op houtskool, en een met gras afgezet gat in de grond is het toilet. Bij het huis van de ouderling wordt net een opslag voor mais gemaakt: een grote gevlochten korf die op staken gezet wordt zodat de oogst enigszins beschermd is tegen schimmel en ongedierte.

DSC_3118Of we ook willen weten waar de families water halen? Natuurlijk! Nog eens vijf minuten lopen verder is een klein riviertje, waarin ook gevist wordt. We lopen erheen langs kleine akkers. Over het riviertje is een brug gemaakt met takken. Het ziet er wankel uit. “We willen geld bijelkaar brengen voor een betere brug,” zegt Tabitha. “De ouderling heeft namelijk ontdekt dat aan de overkant, kilometers verderop, nog meer mensen wonen. En we willen hen ook het evangelie brengen.”

DSC_3119Het is een bevreemdend verhaal. Aan de overkant van de rivier wonen ook mensen – dat is niet zo gek. Maar dat kennelijk niemand van deze mensen wist? Eén van deze mensen kwam op een dag langs het huis van de ouderling, en de ouderling begon hem over het geloof te vertellen. Hij wilde er graag meer van horen, en de andere mensen aan zijn kant van de rivier ook, zei hij. Dus trekt de ouderling er binnenkort een week voor uit om een weg te vinden naar de mensen aan de andere kant van de rivier. Tabitha droomt al van een nieuw gebedshuis in onontgonnen missiegebied.

DSC_3132Na onze rondleiding door het dorp is het eigenlijk alweer tijd om te gaan – we moeten nog terug naar Lusaka en de reis naar het dorp duurde langer dan verwacht. Maar zomaar gaan kunnen we niet: er is voor ons gekookt, en we moeten echt nog wat van de traditionele drank drinken. De dappersten proberen een paar slokjes van het brouwsel dat eruit ziet als bruinige melk. Het is gemaakt van mais, lokale graansoorten en gekookt met een speciale wortel. Het is een smaak waar je aan wennen moet, geeft Tabitha meteen toe. Ik heb het eerder gehad, en zou de smaak omschrijven als drinken uit een bierflesje dat gebruikt is als asbak. Na het afscheid waarbij we geschenken voor het dorp overhandigen, nemen we het eten mee in de bus. Dat wringt, voor mijn gevoel: nou nemen wij weldoorvoedde blanken het eten mee dat door de dorpelingen uit hun eigen mond is gespaard.

DSC_3137In de bus beginnen de gemeenteleden die met ons zijn meegereden uit Luanshya vragen te stellen over het leven in Nederland. “Hoeveel auto’s hebben jullie? Echt maar één?” Het is niet te geloven voor de Zambiaan die denkt dat Nederland een soort luilekkerland is. “Maar je vrouw heeft toch zeker ook wel een auto?” Eén auto, één huis, geen boerderij om te gaan wonen als je met pensioen gaat – het wil er niet in. “Kun je die auto niet verkopen? Dan neem jij een nieuwe, en stuur je de oude hier naar Zambia!” We lachen erom, maar het maakt pijnlijk duidelijk hoe diep de stereotype beelden van arme Afrikaan en rijke Westerling zitten. Wij willen graag mensen ontmoeten, en zijn geweest op een plek waar geen toerist ooit komt. Maar we merken ook dat ons tijdschema in de weg zit, en hoe moeilijk het is om bij een ontmoeting door te dringen tot achter de beelden die over en weer bestaan.

DSC_3122

Advertenties

One thought on “Ontmoetingen in ‘the village’

  1. Johanneke, je hebt het mooi en goed beschreven. Ja ik mocht er bij zijn.Dit verhaal houdt mij een spiegel voor en het roept tot nadenken over mijn eigen context, mijn land, mijn waarden en normen die zo vanzelfsprekend zijn maar die in die ontmoeting getoetst lijken te worden.
    Tabitha en al je gemeenteleden, bedankt voor deze ontmoeting. Hannie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s